Eindejaarstips 2019

Voordat je kan proosten op het nieuwe jaar is het natuurlijk belangrijk om al je zaken goed op orde te hebben. Aangezien er nogal wat gaat veranderen in 2020 hebben wij een overzicht gemaakt van alle belangrijke wijzigingen die je als ondernemer moet weten! 

1. Kleine ondernemersregeling
In 2020 wordt de huidige kleineondernemersregeling (KOR) vervangen door een nieuwe. De korting, die je kreeg als je jaarlijks niet meer dan €1.883 aan btw moest afdragen, vervalt. Dus ben je een btw-ondernemer en in Nederland gevestigd of heb je een vaste inrichting en is je omzet per kalenderjaar niet hoger dan €20.000, dan kan je er voor kiezen om mee te doen aan de vrijstelling voor de btw. De nieuwe KOR geldt voor zowel natuurlijke personen die een eenmanszaak of vof drijven als rechtspersonen (BV). Op de website van de belastingdienst vind je een tool om je checken of je aan alle voorwaarden voldoet.

LET OP! Wil je gebruik maken van deze regeling, dan moet je dit formulier vóór 20 november 2019 opsturen naar de belastingdienst.

2. Dividenduitkering
Vanaf 2020 gaat het tarief van de dividendbelasting omhoog bij uitkeringen naar privé. Tot en met 2019 geldt een totale heffing van 25%, 15% vanuit de BV en 10% middels de IB. Vanaf 2020 zal de totale heffing 26,25% bedragen. Wil je in 2019 nog dividend uitkeren en van het 25% tarief profiteren? Laat het je accountant of boekhouder tijdig weten. De aangifte dividendbelasting dient dan dit jaar nog opgesteld te worden.

3. Fiets van de zaak
Wil je vanaf 2020 werknemers een fiets van de zaak aanbieden, let dan op het volgende. Als werkgever ben jij degene die de fiets moet aanschaffen en daardoor blijft de fiets ook jouw eigendom. Gaat je werknemer uit dienst? Dan moet hij of zij de fiets weer inleveren. Voor het privégebruik van de fiets geldt vanaf 2020 een forfaitaire bijtelling van 7% van de consumentenadviesprijs. De bijtelling wordt bij het loon geteld en daar moet je loonbelasting over inhouden. Alle kosten zijn aftrekbaar. Hoe meer de werkgever verdiend, hoe hoger de kosten voor de werknemer voor het gebruik van de fiets. Een werknemer met een fiets van de zaak kan je overigens geen vergoeding meer geven voor de zakelijke gefietste kilometers.

4. Overdrachtsbelasting
Het tarief van de overdrachtsbelasting voor niet-woningen wordt in 2021 verhoogd van 6% naar 7%. Dit tarief zal gelden voor onroerende zaken, zoals: bedrijfsgebouwen en bedrijfsruimtes, grond die bestemd is voor woningbouw, een gekochte steiger en het water bij een woonark, hotels en pensions, een onroerende zaak die bestemd is voor gebruik als verpleeginstelling, verzorginstelling, ziekenhuis of een internaat. Voor woningen (en garages) blijft gewoon het verlaagde tarief van 2% gelden.

5. Investeringsaftrek
Om in 2019 in aanmerking te komen voor de kleinschaligheidsinvesteringsaftrek moet je een bedrag tussen €2.301 en €318.449 investeren in bedrijfsmiddelen voor je onderneming. In de tabel vind je de percentages voor deze investeringsaftrek. Bij grote verbouwingen waarbij de investeringen hoger zijn dan € 318.449 bedraagt de investeringsaftrek € 0. Ben je van plan binnenkort een investering te doen, neem dan contact met ons op zodat wij je kunnen adviseren in welk jaar je dit het beste kan doen.

Investering Kleinschaligheidsinvesteringsaftrek

InvesteringKleinschaligheidsinvesteringsaftrek
niet meer dan € 2.300€ 0
€ 2.301 t/m € 57.32128% van het investeringsbedrag
€ 57.322 t/m € 106.150€ 16.051
€ 106.151 t/m € 318.449€ 16.051 verminderd met 7,56% van het deel van het investeringsbedrag boven de € 106.150
meer dan € 318.449€ 0

6. Nieuwe bijtellingspercentages
De bijtelling voor nieuwe elektrische auto’s wordt de komende jaren verhoogd. Wil je de komende jaren extra voordelig elektrisch rijden dan moet je snel handelen. Het tarief dat je gaat betalen staat namelijk de komende vijf jaar vast. Koop je dus voor eind 2019 een elektrische auto dan rijd je tot 2025 nog met het lage tarief van 4% in plaats van 8% (het tarief dat geldt vanaf 2020) mits de auto geleverd is en op kenteken is gezet voor het begin van 2020. Vanaf 2025 geldt het belastingvoordeel voor elektrische auto’s helemaal niet meer en is het net zo hoog als auto’s met een traditionele aandrijflijn, namelijk 22%.

7. Zelfstandigenaftrek
Vanaf 2020 wordt de zelfstandigenaftrek jaarlijks steeds wat lager met als doel dat deze in 2028 uitkomt op €5.000. De arbeidskorting en de algemene heffingskorting gaan de komende jaren wel omhoog. Dus zeker in de eerste jaren gaan de meeste zelfstandigen er op vooruit. Het doel van deze wijzigingen is dat de fiscale verschillen tussen zelfstandigen en werknemers in loondienst kleiner worden. Er is dus minder verschil in belasting tussen zelfstandige ondernemers en werknemers in loondienst en dit leidt (hopelijk) tot minder oneerlijke concurrentie.

8. Vermogensbelasting BOX 3
Vanaf 2022 gaat de verhouding tussen spaargeld, beleggingen en schulden van een belastingplichtige als uitgangspunt gelden voor de box 3-heffing. Het komt er op neer dat de belasting over spaargeld in box 3 dus wordt vastgesteld aan de hand van de werkelijke hoeveelheid spaargeld. Als je op 1 januari 2020 niet meer dan €30.846 aan spaargeld of beleggingen hebt, hoef je geen vermogensrendementsbelasting te betalen (in 2019 lag de grens bij €30.360). Voor stellen geldt dat tot €61.692. Boven het heffingsvrije vermogen wordt over de eerste €72.797 aan spaargeld en/of beleggingen een rendement verondersteld van 1,80%. Hierover heft de fiscus zoals altijd 30% vermogens belasting (0,54%, in 2019 was dit 0,58%). Ook degene die meer vermogen heeft, wordt over 2020 iets minder zwaar belast. Het veronderstelde (ook wel fictieve) rendement voor de tweede schijf gaat van 4,45% naar 4,22%, waarover de Belastingdienst weer 30% heft. Dat maakt afgerond 1,27% (2019: 1,34%) belasting. Bij een vermogen boven de €1.036.418 in box 3 rekent de fiscus met een rendement van 5,33%. Dat is in 2019 nog 5,6%. Over dat deel van het vermogen betaal je dus 1,60% belasting (2019: 1,68%).

9. Voorlopige aangifte
Verwacht je 2019 af te sluiten met een verlies en heb je in 2018 een winst behaald, dan kan er verzocht worden om voorlopige verliesverrekening bij het indienen van de aangifte 2019. Er hoeft dan niet gewacht te worden totdat de aangifte over 2019 door de Belastingdienst is afgehandeld. Het verlies kan tot 80% verrekend worden en enkel indien de aangifte over 2018 definitief is vastgesteld.

10. Schenken
Voor het belastingvrij schenken gelden de volgende regels:

  • Jaarlijks mag je €5.428 belastingvrij schenken aan je kind. Onder ‘kind’ verstaat de belastingdienst ook een pleegkind of een stiefkind.
  • Je mag je kind eenmalig €26.040 schenken, maar dit mag alleen als je kind tussen de 18 en 40 jaar oud is. De laatste dag dat dit kan is de veertigste verjaardag van je kind. De ouders van het kind gelden als 1 schenker, ook als je bent gescheiden.
  • Koopt je kind een huis of willen ze hun woning verbouwen? Dan mag je ze daarvoor maximaal €102.010 belastingvrij geven. Ook hier geldt de 18-40 jaar regel en het kind mag niet eerder gebruik gemaakt hebben van een verhoogde vrijstelling (schenking voor voor woning of dure studie).
  • Iedereen mag €2.173 schenken aan wie dan ook. Schenkingen van partners moet je wel bij elkaar optellen, dus krijg je geld van je oom en tante dan mag het totaalbedrag niet hoger zijn dan €2.173.

Mocht je hier vragen over hebben, neem dan even contact met ons op dan denken wij graag met je mee!

Ben je een horecaondernemer?
Laat het leukste team jou helpen

Word vandaag nog klant en je krijgt je eerste maand gratis.

Ja, ik wil klant worden