Fiscale oudedagreserve

Als ondernemer voor de IB mag je jaarlijks een bedrag reserveren wat je kan gebruiken als oudedagsvoorziening, de oudedagreserve. Het gereserveerde bedrag mag ten laste van de winst worden gebracht. Een voorwaarde om een oudedagreserve te kunnen vormen is dat je aan het urencriterium voldoet en je mag aan het begin van het kalenderjaar niet de AOW gerechtigde leeftijd hebben bereikt. De oudedagreserve neemt af als wordt besloten een lijfrente te kopen. Het bedrag waarvoor de lijfrente wordt gekocht moet bij de fiscale winst worden gevoegd. Daartegenover staat dat de rente op de gekochte premie mag worden afgetrokken van de fiscale winst.

Andere veel gestelde vragen

Je kunt ervoor kiezen om je alimentatie in een keer af te kopen om zo van je alimentatieverplichting af te zijn. De hoogte van de betaalde afkoopsom kan bij de alimentatiebetaler worden afgetrokken. Echter bij de ontvangende partner wordt het bedrag belast. Je kunt partneralimentatie op twee verschillende manieren afkopen. Door middel van een geldsom of overbedeling.

Het afkopen van alimentatie kent voordelen en nadelen. Enkele voordelen zijn dat de ontvanger een groot bedrag geniet waarop rente kan worden ontvangen. Om te voorkomen dat de ontvangende partner ineens een groot bedrag aan inkomstenbelasting moet betalen kan er ook gekozen worden om de alimentatie om te zetten in een lijfrentepremie. Een nadeel van het afkopen van alimentatie is dat de alimentatiebetaler een deel van zijn vermogen kwijtraakt, dit levert een rentenadeel op. Daarnaast werkt de afkoopsom van alimentatie niet met terugwerkende kracht in het geval dat de ontvangende partner eigenlijk geen aanspraak meer maakt op alimentatie.

Als je winst te laag is om de zelfstandigenaftrek helemaal toe te passen dan is er sprake van niet gerealiseerde zelfstandigenaftrek. Deze niet gerealiseerde zelfstandigenaftrek kun je verrekenen met de winst die behaald wordt in de komende 9 jaren, mits deze winst weer hoger is dan de zelfstandigenaftrek. De verrekening kan alleen plaatsvinden als er in dat jaar zelfstandigenaftrek toegerekend kan worden, dit is het geval als er is voldaan aan het urencriterium. 

Deze aftrek is speciaal bedoeld voor ondernemers die investeren in energiebesparende bedrijfsmiddelen en duurzame energie. Over 2016 mag je een bedrag aftrekken van 58% van de investering. Je komt in aanmerking voor deze aftrek als het gaat om een nog niet eerder gebruikt bedrijfsmiddel, er minimaal een bedrag van €2500 euro is geïnvesteerd per bedrijfsmiddel en het bedrijfsmiddel op de energielijst staat. Je kunt geen energie-en milieuinvesteringsaftrek tegelijk krijgen.

Let echter wel op dat je binnen 3 maanden na aanschaf een verzoek moet indienen bij de belastingdienst om aanspraak te kunnen maken op deze aftr

Als je in bezit bent van een rijksmonument dan kan je de onderhoudskosten die daaraan verbonden zijn aftrekken. De kosten die je maakt ter verbetering van het monument komen niet in aftrek. Kosten die ervoor zorgen dat het monument in bruikbare staat blijft en kosten die samenhangen met het herstellen van ingetreden verval mag je wel in aftrek brengen.

Mocht je subsidies ontvangen voor het monument dan moet je deze eerst van de gemaakte kosten aftrekken voordat je het bedrag als kosten mag opgeven in je inkomstenbelasting.

In sommige gevallen zijn de kosten extreem hoog, bijvoorbeeld omdat je het pand laat verbouwen tot een pand waarin je een onderneming wilt gaan drijven, dan komen de onderhoudskosten niet in aftrek. In dat geval worden ze geactiveerd op de balans en mag er op worden afgeschreven

De innovatiebox is er speciaal om ervoor te zorgen dat innovatieve bedrijven gestimuleerd worden. Deze regeling is fiscaal ontzettend voordelig. Winsten die je behaald door het uitvoeren van innovatieve activiteiten vallen in deze box. Er geldt een effectieve heffing van 5%.

Je kunt kiezen voor de innovatiebox als je aan de volgende voorwaarden voldoet:

  • Je ontwikkelt het immateriële activum zelf, en je hebt hiervoor een octrooi gekregen, of er is een S&O-verklaring voor afgegeven.
  • Het inkomen dat je met het activum behaalt, moet voor ten minste 30% het directe gevolg zijn van het octrooi dat je hebt gekregen.

Echter geldt er wel een boxdrempel. Deze houdt in dat je opbrengsten hoger moeten zijn dat je voortbrengingskosten. Daarnaast vallen innovatieverliezen niet onder de 5% regeling. Je kunt ze wel verrekenen met belastbare winsten van het voorgaande jaar en de komende negen jaren.

Om het administratief gemakkelijker te maken kan je kiezen voor een vast bedrag dat jaarlijks in de innovatiebox valt. Dit vaste bedrag is 25% van je belastbare winst. Op deze manier hoef je niet uit te rekenen hoeveel winst je precies moet toerekenen aan een immaterieel activum wat je hebt voortgebracht. Als je kiest voor het vaste bedrag mag er maximaal €25000 opzij gezet worden waarop je de innovatiebox toepast. Het vaste bedrag mag toegepast worden in het jaar waarin je het immateriële activum voortbrengt en in de twee daarop volgende jaren.