Stakingswinst

Stakingswinst is de winst die wordt behaald door het staken (stoppen) van de onderneming. Het is het verschil tussen de boekwaarde van de onderneming en de waarde economisch verkeer op het moment van beëindiging. Deze stakingswinst bestaat onder andere uit stille reserves, fiscale reserves en goodwill. Over de stakingswinst moet belasting worden betaald. De stakingswinst berekenen is erg ingewikkeld en wij willen je daar graag bij helpen. Bij enkele situaties hoef je bijvoorbeeld niet of niet geheel af te rekenen over de stakingswinst. Dit doet zich voor als er sprake is van een echtscheiding, als de onderneming wordt overgedragen aan een mede ondernemer of bv en als jij of jouw partner komt te overlijden.

Andere veel gestelde vragen

Dat is een lastige vraag. Vooropgesteld: natuurlijk adviseren wij jou. Een aantal keer per jaar gaan onze professionals jouw financiële positie onder de loep nemen om te kijken waar je zaken zou kunnen verbeteren of waar je fiscale voordelen kunt behalen. Maar, degene die natuurlijk het beste weet of jij behoefte hebt aan een bepaald advies, ben je zelf! Schroom dus niet om aan de bel te trekken als je ons nodig hebt. Wij staan altijd voor je klaar!

Fiscaal is het voordelig om kosten zo vroeg mogelijk ten laste van de winst te brengen. Dit kan door een bedrag aan te merken als een voorziening voor groot onderhoud. Op deze manier kun je toekomstige kosten voor groot onderhoud nu al ten laste van je resultaat brengen. Dit levert mogelijk een rente voordeel op. Om zo’n voorziening te kunnen vormen moet je de toekomstige kosten goed kunnen onderbouwen bij de fiscus. Het moet duidelijk gaan om onderhoud, dit betekend niet een verbetering aan een pand. De hoeveelheid die jaarlijks gereserveerd mag worden en ten laste van de winst mag worden gebracht, wordt bepaald aan de hand van de kosten van het toekomstig groot onderhoud.

Als je een voorziening voor groot onderhoud wil vormen is het niet alleen mogelijk om toekomstige kosten jaarlijks te doneren, je mag ook rekening houden met de jaren die al verstreken zi

Nee, natuurlijk niet! We bieden jou een vast bedrag per maand en daar houden wij onszelf aan. Bij dit abonnement zit eigenlijk alles inbegrepen wat bij een normale administratie komt kijken. Heb je soms wat extra hulp nodig of wat meer vragen dan normaal? Geen probleem, onze adviseurs staan voor je klaar. Met IBEO dus nóóit meer uurtje-factuurtje.

Als je periodiek geld doneert aan culturele instellingen, dit zijn instellingen die worden aangemerkt als ANBI, kan je van de belastingdienst de gift terug krijgen. Hoeveel geld je terug krijgt hangt af van hoeveel je doneert. Als je doneert aan een ANBI kan je zelfs 25% extra van de gift terug krijgen van de fiscus. Een gift is pas een gift als je er niks voor terugkrijgt. Daarnaast moet je kunnen aantonen, bij de belastingdienst, middels een notariele akte of sinds 2014 een onderhandse akte, dat je periodiek een gift doet. Een voordeel van een vastgestelde periodiek gift is dat er geen minimum bedrag door de fiscus wordt geeist en dat er geen maximum zit aan de aftrekbaarheid van jouw gift. Een periodieke gift is een goed alternatief voor eenmalige gift, deze zijn fiscaal minder aantrekkelijk.

Echter moeten de periodieke gift nog aan twee aanvullende voorwaarden voldoen:

  • De donatie moet minimaal een keer per jaar plaatsvinden minimaal 5 jaar lang
  • De bedragen moeten ongeveer hetzelfde bedragen

Als je boekwinst behaalt op bedrijfsmiddelen dan mag je voor dit bedrag een herinvesteringsreserve vormen. Dit houdt in dat je de winst die je behaalt bij de verkoop niet fiscaal hoeft op te nemen. Op deze manier voorkom je directe belastingheffing. Een herinvesteringsreverve mag je alleen vormen als je voornemens hebt om te herinvesteren in een bedrijfsmiddel. Heb je een nieuw bedrijfsmiddel aangeschaft dan boek je het bedrag van de herinvesteringsreserve af op de aanschafprijs van het nieuwe bedrijfsmiddel. De boekwaarde van het nieuwe bedrijfsmiddel mag door deze afboeking niet lager worden dan de boekwaarde van het oude bedrijfsmiddel. Na dit gedaan te hebben kun je normaal afschrijven op het bedrijfsmiddel. Mocht je door deze regel geld overhouden dan kun je dit restant afboeken op een volgende investering, zolang deze binnen de herinvesteringstermijn wordt gedaan.

Heb je een herinvesteringsreserve gevormd voor een bedrijfsmiddel waarop niet wordt afgeschreven of waarop langer afgeschreven wordt dan tien jaren, dan mag je dit afboeken op de eerstvolgende investering in een bedrijfsmiddel met dezelfde economische functie. Wil je echter gebruik maken van een gevormde herinvesteringsreserve om een een nieuw bedrijfsmiddel te kopen waarop niet pleegt te worden afgeschreven en waarop in meer dan tien jaren pleegt te worden afgeschreven, dan moeten de bedrijfsmiddelen beschikken over dezelfde economische functie.